Diagnose: Criteria en oorzaken voor en van selectief mutisme

Zoals elke stoornis heeft ook het selectief mutisme zijn criteria. Hieronder lees je er meer over!

De diagnostische criteria in de DSM-4 zijn als volgt:
1. Niet spreken in specifieke sociale situaties, waarin verwacht wordt dat er wel gesproken wordt (bijvoorbeeld op school), ondanks spreken in andere situaties.
2. De stoornis interfereert met het functioneren op school of op het werk, of met sociale communicatie.
3. Duur van tenminste een maand (niet beperkt tot de eerste maand op school!).
4. Het niet spreken wordt niet veroorzaakt door een gebrek aan kennis van, of vertrouwen met, de gesproken taal die nodig is voor de sociale situatie.
5. De klacht wordt niet beter verklaard door taal-/spraakstoornis of door een gebrek aan kennis van de gesproken taal die nodig is voor de sociale situatie.

Met bovenstaande criteria kan echt nog geen diagnose gesteld worden. Deze kenmerken zijn slechts een middel ter classificatie van deze stoornis. Alleen een daartoe opgeleide deskundige zal via een uitgebreid onderzoek een diagnose kunnen vaststellen. Bij het onderzoeken van de diagnose van selectief mutisme moet tevens onderzocht worden of er andere stoornissen bestaan naast het selectief mutisme. Een aantal andere stoornissen zullen uitgesloten moeten worden voordat de diagnose selectief mutisme gesteld kan worden.

Ook de oorzaken van selectief mutisme zijn belangrijk om te kennen. Er zijn een vijftal factoren die selectief mutisme kunnen veroorzaken, namelijk:
– een verlegen of angstig temperament;
– een familiegeschiedenis van verlegenheid of angst;
– spraak- of taalmoeilijkheden;
– aanpassingen aan een nieuwe cultuur;
– beperkte socialisatie met anderen, buiten de school.
Kinderen met selectief mutisme worden vaak omschreven als gevoelig, aarzelend, timide en bang. Tevens worden extreme verlegenheid en sociale fobie opgemerkt bij kinderen met selectief mutisme. Onderzoek heeft aangetoond dat sommige kinderen zijn geboren met een geremd temperament. Dit betekent dat zij, zelf als baby zijnde al, eerder angstig zijn en weerstand hebben tegen nieuwe situaties. Dit geeft reden aan te nemen dat veel of zelfs alle kinderen met selectief mutisme zijn geboren met dit geremde karakter.

De overgrote meerderheid van de kinderen met selectief mutisme hebben een genetische aanleg voor angst. Een of allebei de ouders beschrijven een familiegeschiedenis of persoonlijke karaktereigenschappen gelijk aan die van hun kind, zoals verlegenheid, angst, sociale fobie en selectief mutisme. Alhoewel onderzoek suggereert dat angststoornissen voorkomen in families met kinderen met selectief mutisme is het niet zeker of kinderen de neiging angstig te zijn genetisch meekrijgen of juist overnemen door het gedrag van de ouders, of misschien wel een combinatie van deze twee. Dit is echter geen reden om de ‘schuld’ van het selectief mutisme bij de ouders te zoeken. Er is bij het ontstaan van selectief mutisme een combinatie van oorzaken mogelijk en niet één enkele. Daarnaast is er geen bewijs dat er een opvoedingsstijl of omgangsvorm van de ouders is die selectief mutisme aanmoedigt.

Morgen lees je meer over kenmerken van het selectief mutisme. Dit zal beschreven worden vanuit de beleving van het kind en de beleving van het gezin.
Bron: selectiefmutisme.nl

Was dit artikel nuttig? ‘Like’ het artikel onderaan de pagina of op Facebook!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s